Kernvraag: mag een omgevingsvergunning voor een BOPA geweigerd worden omdat het dichtzetten van een balkon stedenbouwkundig niet aanvaardbaar is?

Leestijd: 2 minuten

Ja. Rechtbank Amsterdam oordeelde dat het college een BOPA mocht weigeren omdat het project niet voldeed aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL) zonder dat daarvoor een uitgebreide onderbouwing nodig was.

De casus

Op 5 november 2025 heeft de Rechtbank Amsterdam (ECLI:NL:RBAMS:2025:7372) uitspraak gedaan over de weigering van een door eisers aangevraagde omgevingsvergunning voor het dichtzetten van een balkon. De Rb. komt tot het oordeel dat de omgevingsvergunning kon worden geweigerd, omdat het project niet voldoet aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL).

Volgens het college is het dichtzetten van het balkon, in strijd met het bestemmingsplan omdat de bouwhoogte op de gronden met de bestemming ‘Tuin’ wordt overschreden. De omgevingsvergunning zou in dit geval alleen kunnen worden verleend met het oog op ETFAL, art. 8.0a, lid 2, Bkl.

Om te beoordelen of daarvan sprake is, heeft het college getoetst of het project stedenbouwkundig aanvaardbaar is. Dat is niet het geval. Het project zou ook kunnen leiden tot ongewenste precedentwerking.

Naar het oordeel van de rechtbank heeft het college met de hiervoor gegeven onderbouwing kunnen concluderen dat het project stedenbouwkundig niet aanvaardbaar is en dus in strijd is met een ETFAL. Het college heeft de omgevingsvergunning voor een BOPA daarom kunnen weigeren.

Wat betekent dit voor de praktijk?

Deze uitspraak laat zien dat een ETFAL-toets niet per definitie een uitgebreide onderbouwing vergt. Ook niet bij een weigering. Een gemotiveerd, kort stedenbouwkundig oordeel kan volstaan. Dat sluit aan bij het bredere pleidooi dat een ETFAL niet spannender en ingewikkelder gemaakt hoeft te worden dan strikt noodzakelijk: niet elke Bopa vraagt om een scriptie van 45 pagina’s.

Zie voor de bredere achtergrond van dit principe ook ETFAL bij een Bopa: toets de afwijking, niet het hele plan en Van kruimel naar kramp: op zoek naar een werkbare Bopa.


Wat ik mijn cursisten leer

Bij een weigering hoef je niet bang te zijn dat je “te weinig” hebt onderbouwd als de belangenafweging maar klopt en kan zwaarder wegen dan alleen het aanleveren van een volledige ruimtelijke onderbouwing. Een ETFAL is een integrale belangenafweging. Dat vraag wel om een heldere motivering waarbij ook andere belangen (zoals het belang van de aanvrager) worden afgewogen tegen dat stedenbouwkundige belang. De afweging moet evenwichtig zijn en dat wordt niet alleen bepaald door een stedenbouwkundige weging. Lijkt een open deur…. maar wordt in de praktijk soms onvoldoende goed ‘uitgelegd’ bij besluitvorming.

Over de auteur

Henry de Roo is adviseur fysieke leefomgeving en bouwregelgeving bij RooBeek Advies, docent bij RooBeek Academie en lid van de redactieraad van Vakblad Bouwen met Kwaliteit.